De afgelopen tijd heb ik veel geluisterd naar zo'n combinatie: de Living Voice R80 luidsprekers, aangestuurd door de Kondo G-72i voorversterker en Kondo Melius eindversterker.
En dit is er eentje die voorlopig mag blijven staan!
De R80 laat horen wat ervoor gebeurt
De Living Voice R80 is een interessante luidspreker. Wie Living Voice kent van bijvoorbeeld de Auditorium, IBX of OBX modellen zal onmiddellijk iets herkennen. Die natuurlijke manier waarop stemmen en instrumenten worden weergegeven, de timing en vooral het gemak waarmee muziek lijkt te ontstaan.
Maar de R80 doet daar nog een flinke schep bovenop.
De luidspreker maakt gebruik van twee 21 cm Scan-Speak Ellipticor bas/middendrivers rondom een 34 mm Ellipticor tweeter. Met een gevoeligheid van 92 dB en een nominale impedantie van 6 ohm is de R80 bovendien bewust vriendelijk ontworpen voor buizenversterkers.
Op papier interessant. Tijdens het luisteren wordt pas duidelijk waarom.
De R80 heeft schaal en autoriteit die je van de kleinere Living Voice modellen niet op deze manier kent. Het laag gaat diep, maar wat mij vooral aanspreekt is dat het laag niet als een afzonderlijk onderdeel van de weergave klinkt. Alles blijft één geheel.
En misschien nog belangrijker: de R80 laat heel gemakkelijk horen wat je ervoor aansluit.
Dat maakt hem soms genadeloos, maar met de juiste elektronica juist bijzonder dankbaar.
Kondo G-72i
Voor de voorversterking gebruiken we de nieuwe Kondo G-72i.
De G-72i is opgebouwd rond vier 6072 dubbeltriodes en maakt gebruik van Kondo's eigen zilveren componenten, waaronder silver-foil condensatoren, zilveren weerstanden en SSW zilveren interne bedrading. De gehele schakeling is met de hand opgebouwd rond een koperen chassis.
Maar uiteindelijk interesseert mij vooral wat er gebeurt wanneer je muziek aanzet.
En dan valt vooral op hoeveel rust de G-72i brengt.
Niet de soort rust waarbij dynamiek wordt afgevlakt of het geluid vriendelijker wordt gemaakt. Integendeel. Kleine dynamische veranderingen worden juist gemakkelijker hoorbaar. Een zanger die iets harder inzet, de aanslag van een piano, een drummer die net iets meer kracht gebruikt: het gebeurt allemaal zonder dat je het gevoel krijgt dat de installatie het nadrukkelijk aan je wil laten horen.
Dat vind ik misschien wel een van de grootste kwaliteiten van goede Kondo-elektronica.
Het detail is er wel, maar het vraagt niet voortdurend om aandacht.
32 watt. En meer hebben we niet nodig.
Daarachter staat de Kondo Melius.
Een stereo EL34 push-pull eindversterker van 32 watt per kanaal.
In een wereld waarin versterkers van honderden watts bijna normaal zijn geworden klinkt 32 watt misschien bescheiden. Met de Living Voice R80 blijkt het in de praktijk meer dan voldoende.
Living Voice heeft veel aandacht besteed aan het impedantieverloop van de R80. De belasting blijft relatief vriendelijk en juist daardoor voelt een versterker als de Melius zich hier bijzonder prettig.
En dat hoor je.
De combinatie heeft snelheid en controle, maar nooit op een geforceerde manier. Het laag heeft gewicht wanneer de opname daarom vraagt, terwijl stemmen en akoestische instrumenten een prachtige rijkdom aan klankkleur behouden.
Vooral dat laatste is voor mij belangrijk.
Een cello moet niet alleen laag klinken. Je wilt de kast, de snaar, de strijkstok en uiteindelijk vooral de muzikant horen.
Met deze combinatie gebeurt dat.
Niet spectaculair. Wel indrukwekkend.
Wat mij na langer luisteren misschien het meest opvalt, is dat deze set niet voortdurend probeert te laten horen hoe goed hij is.
Er is geen overdreven groot stereobeeld. Geen kunstmatig aangezet hoog. Geen laag dat bij iedere opname even moet laten weten dat er twee flinke woofers in de kast zitten.
In plaats daarvan ontstaat er iets anders.
Vanzelfsprekendheid.
Zet een kleine jazzbezetting op en de ruimte wordt kleiner en intiemer. Zet een groot orkest op en de kamer lijkt ineens een stuk groter te worden. Een goede live-opname brengt de akoestiek van de zaal mee, terwijl een droge studio-opname ook gewoon droog mag klinken.
Dat lijkt logisch, maar in de praktijk is het een van de moeilijkste dingen om met een audiosysteem voor elkaar te krijgen.
Het gevaar van nog één plaat
Tijdens het afstellen van een systeem luister ik vaak met korte fragmenten. Even controleren wat een andere kabel doet, de positie van de luidsprekers een paar centimeter aanpassen of kijken wat er gebeurt met een andere bron.
Bij deze combinatie werkt dat niet altijd.
Je zet een nummer op om iets te controleren en twintig minuten later realiseer je je dat je inmiddels gewoon naar muziek zit te luisteren.
En daarna komt er nog een plaat.
Dat is voor mij uiteindelijk een veel belangrijkere graadmeter dan welk technisch detail dan ook.
Een goede installatie laat je horen wat hij kan.
Een echt goede installatie zorgt ervoor dat je vergeet dat hij er staat.
Waarom deze combinatie klopt
De Living Voice R80 heeft voldoende transparantie om de kwaliteiten van de Kondo-elektronica volledig te laten horen, maar bezit tegelijkertijd de natuurlijke klankkleur en dynamische vrijheid die deze versterkers nodig hebben.
De G-72i brengt rust, ruimte en verfijning. De Melius voegt daar de snelheid, controle en prachtige harmonische rijkdom van zijn EL34 push-pull schakeling aan toe. En de R80 lijkt daar vervolgens opvallend weinig tussen te willen zetten.
Op papier bestaat de installatie uit drie afzonderlijke componenten.
Tijdens het luisteren voelt dat niet zo.
En precies dát is volgens mij waar het uiteindelijk om draait.
Niet de luidspreker horen. Niet de versterker horen. Niet bezig zijn met kabels, buizen of specificaties.
Maar gewoon die ene opname nog een keer willen draaien.
Een leven lang luisteren.
De Living Voice R80, Kondo G-72i en Kondo Melius zijn bij Highender Audio in Doetinchem te beluisteren. We demonstreren deze combinatie graag op afspraak, uiteraard met je eigen favoriete muziek.
← Alle artikelen